Reglement

REGLEMENT RASGEBONDEN EUROPASHOW

Een rasgebonden Europashow is een uitstekend middel om een goed beeld te krijgen van de stand van een ras, of een groep rassen, in Europa. Dit is voor de Europese Entente(EE) een belangrijke reden om blij te zijn met de toenemende belangstelling voor deze shows. Men heeft daarom hiervoor een speciaal reglement opgesteld. In het geval van de gezamenlijke rasgebonden Europese tentoonstelling tijdens ONETO 2017 betreft het de groep Nederlandse hoender- en dwerghoenderrassen. Hierna volgt een overzicht van een belangrijk deel van de regels uit het reglement.
De aanvraag moet op 15 januari in het jaar voor het tentoonstellingsseizoen is waarin de show plaatsvindt schriftelijk bij de voorzitter van de afdeling aangevraagd zijn. Dit is nodig om de EE-organisatie de gelegenheid te geven hierover te kunnen besluiten.

De aanvraag gebeurt door de volgende informatie minimaal te verstrekken: de plaats en het adres van de Europashow, de datum waarop de show wordt gehouden, de verantwoordelijke bond of vereniging, de contactpersonen met hun adressen en telefoonnummer en e-mailadressen, de naam/namen van de ras(-sen), een prognose van de deelnemende landen, een prognose over het aantal inzendingen, informatie over het doel van de show, informatie over de vergunningen, gebruikmaking van het officiële aanvraagformulier te downloaden via www.entente-ee.com, informatie of de Europashow bijvoorbeeld bij een andere show is ondergebracht. Als er een “gewone” Europashow gehouden wordt kan er geen rasgebonden Europashow georganiseerd worden. Twee weken voor en twee weken na een Europashow mag er geen Internationale show gehouden worden.

Fokkers die in een land wonen dat is aangesloten bij de E.E. kunnen meedoen. De dieren die worden ingezonden moeten een niet afschuifbare EE-voetring dragen. Dit hebben onze tentoonstellingsdieren in ieder geval. De ingezonden dieren mogen niet ouder zijn dan zes jaren. Het keurmeesters korps mag niet alleen uit keurmeesters uit het eigen land bestaan. De dieren moeten zoveel als mogelijk door keurmeesters uit het land van afkomst van de dieren gekeurd worden. De dieren worden naar het Europese systeem beoordeeld. In een volgende Nieuwsbrief komen we hierop terug om nadere uitleg te geven. Keurmeesters worden vergoed op basis van het E.E.-reglement. Vanzelfsprekend vraagt de EE ook om een goede gastheer te zijn voor de keurmeesters en andere betrokkenen

Europameester
Deze titel staat voor deelnemers die een of meer groepen van zes dieren inzenden. Het totaal aantal punten van deze zes dieren is bepalend of en in welke mate men meedoet voor de titel ‘Europameester’. Bij de ingezonden groep moeten beide geslachten vertegenwoordigd zijn. Een inzender kan ‘Europameester’ worden als tenminste 20 dieren van een ras ingeschreven zijn. Zijn er van een kleurslag van een ras ten minste 20 dieren ingezonden dan geldt voor het beste exemplaar hiervan hetzelfde.

Europees kampioen
De titel Europees kampioen wordt een het beste dier van het ras toegekend. Er moeten per ras wel minimaal 20 dieren ingeschreven zijn. Als afzonderlijke kleurslagen door twintig dieren of meer vertegenwoordigd zijn kan ook hier een Europees kampioen bepaald worden. Zijn er per ras meer dan veertig dieren ingeschreven, dan wordt er bij het beste vrouwelijke en mannelijke dier een Europees kampioen bepaald. Hetzelfde geldt ook als een kleurslag meer dan veertig inschrijvingen telt. Voor de titel Europees kampioen moet een dier minimaal 95 punten gehaald hebben. Als er meerdere dieren hetzelfde puntenaantal hebben bepaald de ‘Opperkeurmeester’ (Obmann) samen met een groepje keurmeesters uit meerdere landen wie de Europese kampioen wordt.

Piet Kroon